O06 – Nesar Hasami – Radboudumc
Open Chirurgie van Geïsoleerde Descenderende Thoracale Aorta-pathologie in het Huidige Endovasculaire Tijdperk
Samenvatting:
Introductie
Thoracic endovascular aortic repair (TEVAR) is de voorkeursbehandeling voor de meeste aandoeningen van de descenderende thoracale aorta (DTA). Een relevante subgroep patiënten is echter anatomisch of klinisch ongeschikt voor endovasculaire behandeling, waardoor open chirurgie de enige behandeloptie blijft. Het doel van deze studie is het evalueren van de uitkomsten van open DTA-chirurgie in een tertiair, hoog-volume aortacentrum.
Methode
Patiënten die tussen 2013 en 2024 open chirurgie ondergingen voor geïsoleerde DTA-pathologie werden retrospectief geïncludeerd. Baselinekarakteristieken, indicaties, redenen waarom TEVAR niet opportuun werd geacht, operatieve gegevens en postoperatieve uitkomsten werden geanalyseerd. De primaire uitkomst was operatieve mortaliteit (gecombineerde in-hospital en 30-dagen mortaliteit); secundaire uitkomsten waren majeure complicaties (beroerte, ruggenmergischemie, tracheostomie, dialyse), re-interventies en langetermijnoverleving.
Resultaten
Van 337 patiënten die een open thoraco-(abdominale) aortareparatie ondergingen, hadden 95 patiënten (57,9% man; gemiddelde leeftijd 56,1±14,0 jaar) een geïsoleerde DTA-reparatie, waarvan 75% electief werd uitgevoerd. De meest voorkomende indicatie was post-dissectie pathologie (52,6%), gevolgd door (post-)coarctatio-gerelateerde aandoeningen (15,8%). De belangrijkste redenen waarom TEVAR niet opportuun werd geacht, waren het ontbreken van een proximale landingszone (27,4%), complexe post-dissectie anatomie (20,0%), infectie (13,7%) en bindweefselaandoeningen (13,7%). De 30-dagen- en operatieve mortaliteit bedroegen beide 3,2%; de 90-dagen mortaliteit was 5,3%. Beroerte trad op bij één patiënt (1,1%). Ruggenmergischemie werd gezien bij twee patiënten (2,1%), bestaande uit één tijdelijke paraparesis en één permanente paraplegie. Eén patiënt had postoperatief tijdelijke dialyse nodig; geen enkele patiënt ontwikkelde permanente dialyse afhankelijkheid. Geen patiënten hadden een tracheostomie nodig. De gemiddelde follow-up bedroeg 49,0±38,5 maanden, met een 5-jaarsoverleving van 91,6% en een 5-jaars vrijheid van aorta-gerelateerde re-interventie van 94,7%.
Conclusie
Bij zorgvuldig geselecteerde patiënten kan open chirurgische behandeling van geïsoleerde DTA-pathologie noodzakelijk zijn wanneer TEVAR niet passend is. In ervaren centra gaat deze behandeling gepaard met zeer lage mortaliteits- en complicatiecijfers en dient zij derhalve onderdeel te blijven van het therapeutisch arsenaal.
- Parallel 1, Parallel 2
Vrije voordrachten
Datum: 13 apr 2026Tijd: 13:30 - 14:30